Kennis Instituut Maatschappelijk Vastgoed

“Liever krakkemikkige appartementen met een bloeiende gemeenschap dan andersom”.

De begane grond van een verzorgingshuis, ‘de plint’ in vakjargon, is een financieel zorgenkind bij de scheiding van wonen en zorg. Want: de hal en het atrium, dat zijn veel en dure vierkante meters in beheer en lastig in losse verhuur. De begane grond herbergt vaak functies en activiteiten die belangrijk zijn voor de wijk. De receptie en zijn ‘waakfunctie’ stelt nabij wonende kwetsbare ouderen instaat om zelfstandig te wonen. Het biedt ontmoeting en dagbesteding voor wijkbewoners en hun mantelzorger.

Vrijwilligers ervaren hun inzet voor het huis als een zingevende taak waardoor zij niet alleen iets goeds doen voor ouderen maar ook voor zichzelf. Mensen komen met elkaar in contact waardoor later onderling dienstbetoon gemakkelijker wordt. Zo vervult het verzorgingshuis in wijken en dorpen de functie van gemeenschapsbouwer. Maatschappelijk waardevol. En, zoals een directeur van een woningcorporatie bij een Langer Thuis-bijeenkomst stelt: “Ik heb liever krakkemikkige appartementen met een bloeiende gemeenschap dan andersom”.

Sociale functie

Wanneer het verzorgingshuis dicht gaat, verdwijnt ook de sociale functie. Als er alternatieven in de wijk zijn, geen probleem. Maar, als het verzorgingshuis na de sportzaal, school en andere voorzieningen ook zijn deuren sluit, is dat voor wijkbewoners een enorm gemis. Hoor het verontwaardigd verzet van burgers bij sluiting in Zwanenburg, Utrecht of het Brabantse Meessen.

Het is klip en klaar dat in veel gemeenten de afweging voorligt welke sociale functies in wijken en dorpen noodzakelijk zijn inclusief de benodigde accommodatie. Staat in dit ideale plaatje voor de wijk ook de sociale functie van het verzorgingshuis, of is deze overbodig?

Financiële puzzel

Nu de AWBZ het verzorgingshuis niet meer financiert, moeten de kosten van accommodatie en personeel op een ander manier worden gedekt. In de eerste plaats door de burger zelf: eigen inzet en meer betalen voor de wekelijkse bridgeochtend. De financiële puzzel moet ook worden gelegd door verschillende belanghebbers: de zorgondernemer, woningcorporatie en gemeente.

Alternatieve financiering voor de plint

Platform31 liet in het kader van het experiment de All-inclusive  een studie uitvoeren naar alternatieve financiering voor de plint. Vier archetypen zijn gemodelleerd aan de hand van praktijkvoorbeelden waarin de organisatie en de exploitatie wordt beschreven, met bovendien een inschatting van de omzet die minimaal nodig is om dit model in de praktijk te brengen. Het zijn kansen om deze ‘gemeenschapbouwer’ betaalbaar te houden. De wens van de decentralisatie van de langdurige zorg is om lokaal effectieve en efficiënte combinaties te maken. Laten we beginnen met de plint van het verzorgingshuis, aldus Platform31

Klik hier om door te gaan naar Vier bedrijfsmodellen voor de plint van Platform 31

Partners
Institute for Business Research
LinkedIn
E. info@KMVG.nl | www.kmvg.nl