Kennis Instituut Maatschappelijk Vastgoed

"Grote groep ouderen wil grootschalig wonen"

Kleinschalige woonzorgcomplexen worden vaak in de etalage gezet als ideale plek voor ouderen om te wonen. Want ze zijn overzichtelijk en minder anoniem dan grootschalige complexen. In gesprekken met 171 ouderen in 24 verschillende complexen merkte onderzoeker Dort Spierings - onlangs gepromoveerd aan de Radboud Universiteit Nijmegen - dat dit lang niet altijd geldt. ‘Er is ook een grote groep ouderen die grootschalig wil wonen, juist omdat ze de anonimiteit op prijs stellen en in zo’n complex meer keuze in contacten hebben; ze vinden er eerder een maatje.’ In zijn promotieonderzoek 'De wenselijke schaal' onderzocht Spierings de invloed van schaalgrootte, doelgroepenmenging en voorzieningenniveau op de sociale kwaliteit van wonen in woonzorgcomplexen.

Spierings onderzocht onder meer de verhouding van vitale en minder vitale ouderen in woonzorgcomplexen. ‘In complexen voor vitale ouderen, komen steeds meer mensen met een hogere zorgzwaarte wonen’, stelt Spierings. Uit zijn onderzoek bleek dat je daar voorzichtig mee moet zijn: ‘Als je wilt dat de vitale ouderen de minder vitale ouderen helpen en sociale contacten met ze onderhouden, moet je maximaal 20 tot 25 procent ouderen met een hogere zorgzwaarte in een complex plaatsen. Anders wordt het voor de vitalere ouderen te confronterend en te belastend.’ Dat gaat nu niet altijd goed, stelt hij. ‘Nu is het soms fifty-fifty. Dan krijg je niet de vitale gemeenschap waar je op hoopt.’

Het aangeboden voorzieningenniveau van de complexen volgt in het ideale geval de schaal en de verhouding tussen vitale en minder vitale ouderen in een complex, aldus Spierings. Daarbij moeten woningcorporaties, in overleg met de zorgorganisatie, goed nadenken over de balans tussen interne en externe voorzieningen. Spierings ziet twee mogelijkheden. ‘Of je doet het op zo’n manier dat je de buurt het complex intrekt, met een hoog

voorzieningenniveau en een lage psychologische drempel voor mensen uit de buurt om even binnen te stappen. Maar beter nog is de andere manier: kies voor het gebouw een locatie waar veel voorzieningen in de buurt zijn. Dat is niet alleen financieel beter houdbaar, maar daarmee stimuleer je de bewoners ook om naar buiten te gaan.’

Om zijn bevindingen makkelijk toepasbaar te maken, komt Spierings dit najaar met een ‘digitale atlas’. Dat is een website waar bouwers, overheid en woningcorporaties hun plannen voor een nieuw woonzorgcomplex kunnen toetsen aan Spierings’ aanbevelingen. ‘Je kunt invullen hoeveel woningen je in een complex wilt, welke mix van bewoners en hoe hoog je het voorzieningenniveau wilt hebben. Daar rolt dan uit hoe de sociale kwaliteit van wonen in zo’n complex is.’

Download het proefschrift 'De wenselijke schaal, fysieke schaalgrootte en sociale kwaliteit van wonen in woonzorgcomplexen’ van Dort Spierings 


Bron: KCWZ

Partners
Institute for Business Research
LinkedIn
E. info@KMVG.nl | www.kmvg.nl