Kennis Instituut Maatschappelijk Vastgoed
Gemeentelijke monumenten rotten weg
Donderdag 6 oktober 2011

Van de ruim 45.000 gemeentelijke monumenten staat ongeveer een vijfde er slecht bij. Dat blijkt uit een enquête van het Nationaal Restauratiefonds onder 6900 eigenaren. Het betreft vooral woonhuizen, waarvan het dak of de gevel dringend aan restauratie nodig is.

Omdat er voor monumenten strenge richtlijnen bestaan, valt een opknapbeurt vaak duurder uit dan bij normale panden. In tegenstelling tot bij rijksmonumenten zijn de reparatiekosten voor gemeentelijke monumenten niet aftrekbaar voor de belasting.

Volgens het Restauratiefonds is er 325 miljoen aan subsidie en goedkopere leningen nodig om de achterstanden te kunnen wegwerken. In tegenstelling tot 63.000 rijksmonumenten die al voor 90 procent zijn opgeknapt, is er voor de lokale iconen door de crisis nauwelijks geld. Tal van gemeenten, waaronder Aalten, Deurne, Veenendaal, Oldebroek en Raalte, hebben door de crisis de toch al beperkte budgetten - gemiddeld 77.000 euro - geschrapt.

Daarnaast is de mogelijkheid die sinds 2007 door negen provincies werd aangeboden om goedkoop geld te lenen uitgeput. De regeling waaraan het Prins Bernard Cultuurfonds en het Nationaal Restauratiefonds mee betaalden, was zo'n succes dat de beschikbare 24 miljoen al op is.

"Het is denkbaar dat we teruggaan naar het niveau van de jaren zeventig", zegt Karin Westerink, voorzitter van de Federatie van (56) grote Monumentengemeenten. "Iedereen die om zich heen kijkt, zou haast denken dat dit de normale wereld is, maar we zijn vergeten welke inspanningen daaraan ten grondslag liggen."

Ze doelt op de 850 miljoen euro die sinds 1995 naar de rijksmonumenten ging. Gerrit Zalm zette zich als minister van financiën in voor een opknapbeurt toen 40 procent van de panden er slecht bij stond.

"Hij besefte goed dat elke euro subsidie uiteindelijk 1,50 euro oplevert aan extra belastingen, nieuwe bedrijven en toerisme", zegt Pieter Baars van het Nationaal Restauratiefonds. "Je ziet de uitwerking aan stadjes als Alkmaar en Hoorn. Een fraaie binnenstad trekt weer extra winkels."

Gemeentelijke monumenten hebben niet per se minder cultuurhistorische waarde dan de landelijke tegenhangers, zegt de onderzoeker. Hij wijst erop dat het leeuwendeel op die lijst kwam te staan na een nationale inventarisatie, gericht op bouwkunst tussen 1850 en 1950. Slechts een handjevol kwam op de rijksmonumentenlijst, maar gemeenten maakten gretig gebruik van de gegevens om hun lijstjes aan te vullen.

En dat proces gaat door. Want ondanks de crisis willen gemeenten die lijst uitbreiden met nog zes- tot dertienduizend monumenten. Ook voor deze eigenaren wordt een restauratie dan duurder. Gaat Nederland er als Polen uitzien, of is er nog hoop? "Toch wel", zegt Baars. "Misschien niet in de vorm van subsidie, maar we proberen nu pensioenfondsen warm te krijgen. Kijk, ze kunnen hun geld voor 5 procent rente op een IJslandse bank zetten. Maar ze kunnen het ook tegen 2,5 procent uitlenen aan monumenteigenaren."

Bron: Trouw

Partners
Institute for Business Research
LinkedIn
E. info@KMVG.nl | www.kmvg.nl