Kennis Instituut Maatschappelijk Vastgoed

Limburg biedt Rijk alternatief voor bezuinigingsmaatregelen woningmarkt

De Provincie Limburg heeft samen met een taskforce van Limburgse Corporaties minister Stef Blok een Limburgs alternatief aangeboden voor de aangekondigde maatregelen in de huursector.

Gedeputeerde Erik Koppe: “Met dit alternatieve plan wordt én de bezuiningsdoelstelling van 2 miljard van het Rijk gehaald en kunnen we als krimpregio blijven investeren in een vitale woningmarkt in plaats van te doneren. Een plan dus met dubbele winst.”Gedeputeerde Koppe heeft dit alternatief persoonlijk aangeboden aan minister Stef Blok en onder de aandacht gebracht van de Kamerleden.

 

Het plan ‘investeren in plaats van doneren’ bestaat uit het aanvullen van het huidige woningwaarderingsstelsel met een correctiefactor én een (gedeeltelijke) vrijstelling van de verhuurderheffing voor corporaties die kans zien om hun eerder geraamde investeringen alsnog te realiseren.

 

Correctiefactor woningwaarderingsstelsel voor krimpgebieden


De introductie van een huurplafond van 4,5% leidt in gebieden met lage WOZ-waarden tot een omvangrijke teruggang in de huurinkomsten van corporaties. Het huurplafond was bedoeld om corporaties meer ruimte te geven voor huurverhoging. Maar de uitwerking van de maatregel heeft in krimpregio’s als Limburg precies een omgekeerde werking. Doordat huurwoningen in Limburg een lage WOZ-huurwaarde hebben in vergelijking met de rest van het land, zouden corporaties gedwongen worden op grote schaal hun huren te verlagen.

Daarom stelt Limburg voor om het huidige woningwaarderingsstelsel te handhaven en dit aan te vullen met een correctiefactor die recht doet aan de verschillen in marktwaarde van huurwoningen tussen regio’s. Zo kan, daar waar dat gewenst en mogelijk is, ruimte worden gecreëerd voor huurverhogingen, zonder dat dit leidt tot gedwongen huurverlagingen in gebieden met lage WOZ-waarden.

Investeren in plaats van doneren


Het plan stelt verder voor om de verhuurderheffingen in principe te handhaven, maar een (gedeeltelijke) vrijstelling te verlenen aan corporaties die kans zien om de door hen geraamde investeringen op basis van het Voorjaarsakkoord alsnog te realiseren. Waar mogelijk zullen de investeringen van corporaties worden geïntensiveerd, bijvoorbeeld in de woningbouw boven de huurgrens voor middeninkomens of in de aankoop van particulier bezit. Naast de reguliere financiering via banken, kan gedacht worden aan leningen van pensioenfondsen. Aan het eind van het jaar kan het Rijk dan beoordelen of en zo ja, in hoeverre, de corporaties hun investeringsafspraken zijn nagekomen. Op basis daarvan kan alsnog tot het opleggen van een (gedeeltelijke) heffing door het Rijk worden besloten.

Rekenplaatje


Een eerste inventarisatie bij 11 Limburgse corporaties levert het volgende beeld op:

de corporaties zouden in de periode 2014-17 samen ca. 100 mln euro heffing moeten afdragen. Zij zouden hierdoor hun investeringsvoornemens met ca. 400 mln naar beneden moeten bijstellen (met de bijbehorende negatieve effecten voor de schatkist).

Zij zijn bereid om toch 400 mln te investeren, als ze vrijstelling krijgen van de heffing. Van die 400 mln zouden ze ongeveer de helft willen aantrekken via pensioenfondsen. Uitgaande van het feit dat van elke in de woningmarkt geïnvesteerde euro de helft terugkeert in de schatkist, betekent dit dat afzien van 100 mln heffing wordt gecompenseerd door het dubbele bedrag (200 mln) aan inkomsten.

 

Inzetten pensioengelden


Het inzetten van pensioengelden zou in héél Nederland compensatie kunnen bieden voor de inkomsten uit de verhuurderheffing. Dit zou bovendien kunnen leiden tot verdere intensivering van de investeringen in de woningmarkt met bijbehorende inkomsten/besparingen voor de nationale schatkist.

 

Achtergrond


In december 2012 hebben de grote Limburgse gemeenten, Bouwend Nederland en de Provincie Limburg hun zorgen geuit over de gevolgen van het regeerakkoord voor de corporaties, de woningmarkt en de bouwsector in de regio. Immers, in krimpprovincies zou een huurplafond van 4,5 % samen met de verhoging van de verhuurderheffing leiden tot omvangrijke huurverlagingen en inkomstenderving die dwingt tot het schrappen van voorgenomen investeringen in nieuwbouw en renovatie. En anders dan vaak gedacht, is juist in krimpgebieden nieuwbouw in combinatie met sloop en renovatie dringend noodzakelijk voor het behoud van de vitaliteit van de woningmarkt en de leefomgeving. Bovendien zou het kabinet door de voorgenomen maatregelen uiteindelijk per saldo zijn ingeboekte extra opbrengst niet realiseren. Naar aanleiding daarvan is de sector actief op zoek gegaan naar reële alternatieven. Bovenstaand plan is daar het resultaat van.

Partners
Institute for Business Research
LinkedIn
E. info@KMVG.nl | www.kmvg.nl