Kennis Instituut Maatschappelijk Vastgoed

Corporaties...Unclutching the eggs?

De woningcorporatiewereld wil ons graag laten geloven dat de recente berichten over Vestia, SGBB, Rochdale, WSG, Laurentius, Servatius en zo hier en daar nog wat wantoestandjes behoren tot de ‘unieke incidenten’ in deze wereld. Nou is de magnitude van bovengenoemde casussen van dien aard dat je inderdaad zonder terughoudendheid van ‘uniek’ mag spreken. Maar het is het woordje ‘incident’ wat mij intrigeert.

Laat ik u eens deelgenoot maken van de ervaringen die ik de afgelopen anderhalf jaar met verschillende woningcorporaties heb opgedaan. Met één van mijn bedrijfjes ontwikkelen we woonzorgconcepten voor kwetsbare doelgroepen. Omdat relatief veel projecten zich in het zuiden afspelen hebben wij voor onze projecten in één bepaalde provincie contact gezocht met de grootste provinciaal opererende woningcorporatie. Onze insteek was: ‘laten we een gentlemen’s agreement sluiten. Wij bieden al onze projecten in deze provincie als eerste aan jullie aan, maar mogen we dan rekenen op een adequate en snelle behandeling van onze projecten?’. In aanvang ontmoet dit enthousiasme bij de Raad van Bestuur en die leidt ons door naar de betreffende mensen in de organisatie. Goedgemutst gaan we de kennismakingsgesprekken aan en we werken onze projecten uit tot heuse beleggingsproposities.

Dan wordt het stil. Helaas blijken we bij andere mensen in de organisatie te moeten zijn en tegelijkertijd krijgen wij een brief in de brievenbus van één van de lokale vestigingen van deze woningcorporatie die ons doodleuk meldt dat zij daar een project gaat ontwikkelen, terwijl wij toch écht een exclusiviteitsverklaring van de betreffende gemeente op zak hebben. Nog curieuzer wordt het als wij van weer andere mensen uit deze corporatie bericht krijgen ‘dat men vindt dat ons concept op de marktontwikkeling vooruitloopt en dat men het niet ziet zitten in de locaties waar wij onze projecten gaan ontwikkelen’. Dit ondanks de eerder genoemde mededeling van de lokale vestiging.

Wellicht begrijpt u dat wij inmiddels het spoor bijster zijn en we melden ons maar weer bij de Raad van Bestuur. Opnieuw worden positieve intenties uitgesproken en wij worden opnieuw, nu weer naar andere mensen, doorgeleid. Opnieuw kennismaken, opnieuw voorstellen aanbieden en opnieuw, na vele weken een bericht van afwijzing. Dit overigens terwijl de gemeentebesturen waar we de projecten ontwikkelen zonder uitzondering dolenthousiast zijn en de corporatie nadrukkelijk om medewerking vragen.

Bestuurlijke sneren aan het adres van de woningcorporatie zijn aan de orde van de dag, en eigenlijk vooral om één reden: we zijn inmiddels ruim een jaar verder, er is van veel kanten veel werk en tijd (dus geld) besteed en er is geen streep voortgang geboekt! In 4 projecten niet!

Nou mag u van mij bovenstaande ervaring toevoegen aan het rijtje ‘incidenten’, maar ik ben alleen bang dat het iets anders is. Een korte bloemlezing uit ervaringen met andere woningcorporaties de afgelopen anderhalf jaar: ‘ja dat kan wel de wens zijn van het gemeentebestuur, maar het is voor ons geen strategisch punt’ (dienstbaar aan de maatschappelijke zaak?), ‘weet u, uw project is me zeer sympathiek. Maar helaas werken wij niet in die wijk, daarvoor moet u bij collegacorporatie X zijn’ (kartelafspraken?), ‘mooi idee, maar we hebben geen tijd’ (klantgeoriënteerd?) en tot slot: 3 keer bellen, 3 keer mailen, de secretaresse spreken en iedere keer het vriendelijke verzoek achterlaten even teruggebeld worden. Het moet nu nóg gebeuren (fatsoen?).

Wat een verademing is het dan om bij de gelukkig nog niet (door)gefuseerde ‘Eigen Haards’, ‘Beter Wonens’, ‘Ons Erfs’, ‘Patrimoniums’ en gemeentelijke bouwverenigingen terecht te komen. Daar heet de baas nog gewoon ‘directeur’ en drinkt hij zijn koffie uit een mok. Er wordt niet aan modieuze dingen (Credit Default Swaps of Innovatieplatforms of Conceptueel Bouwen) meegedaan en openlijk wordt erkend dat bepaalde kennis niet aanwezig is in de organisatie.

Wat was of is er eigenlijk mis met deze dicht op de huid van de gemeenschap opererende (volks)huisvesters? Deze column zou gelezen kunnen worden als ‘corporatiebashing’ maar het is in essentie iets héél anders. Het is een pleidooi voor ‘unclutching the eggs’.

Henry Hommelberg is directeur van Hommelberg & Partners

Partners
Institute for Business Research
LinkedIn
E. info@KMVG.nl | www.kmvg.nl